Blog Post

Dit moet jij weten over de werking van verkeerslichten

Quincy Berkleef - 5 min lezen

Verkeerslichten kom je overal tegen: in de stad, op kruispunten, bij overwegen en boven snelwegen. Tijdens het theorie-examen worden hier regelmatig vragen over gesteld. Niet alleen over een rood of groen stoplicht, maar juist ook over pijlen, knipperlichten en bijzondere situaties. In dit artikel leggen we stap voor stap uit hoe verkeerslichten werken en wat jij moet weten om deze vragen goed te beantwoorden.

Wat zijn verkeerslichten precies?

Verkeerslichten regelen het verkeer op plekken waar meerdere verkeersstromen samenkomen. Ze zorgen voor overzicht, veiligheid en doorstroming. Op het auto theorie-examen krijg je vaak situaties te zien waarin je moet bepalen of je mag doorrijden, moet stoppen of voorrang moet verlenen. Het is belangrijk om te onthouden dat verkeerslichten altijd boven verkeersborden en verkeersregels gaan, behalve wanneer een bevoegde verkeersregelaar iets anders aangeeft.

Stoplicht rood, oranje en groen

De meeste mensen kennen het stoplicht al van jongs af aan, maar voor het theorie-examen moet je precies weten wat elke kleur betekent.

Stoplicht rood

Bij een rood stoplicht moet je altijd stoppen. Dit geldt ook als de weg vrij lijkt of als je rechtsaf wilt slaan. Je stopt vóór de stopstreep. Is die er niet, dan stop je vóór het verkeerslicht zelf.

Stoplicht oranje

Een oranje stoplicht betekent dat het licht op rood gaat springen. Je moet stoppen, tenzij stoppen niet meer veilig kan. Denk aan een noodstop of gevaar voor achteropkomend verkeer. Tijdens het theorie-examen is “nog snel doorrijden” bijna nooit het juiste antwoord.

Stoplicht groen

Bij groen stoplicht mag je doorrijden, maar dat betekent niet dat je altijd zomaar kunt gaan. Je moet nog steeds rekening houden met ander verkeer, zoals voetgangers, fietsers of voertuigen die al op het kruispunt zijn.

Verkeerslichten met pijlen: rond licht of pijl

Een veelgemaakte valkuil bij het theorie-examen is het verschil tussen een rond verkeerslicht en een verkeerslicht met pijl. Een rond groen licht betekent dat je in alle richtingen mag rijden, zolang je voorrang verleent aan verkeer dat voorrang heeft, zoals voetgangers die groen hebben. Een groen licht met een pijl geldt alleen voor die specifieke richting. Heb je een groene pijl naar rechts, dan mag je alleen rechtsaf. Andere richtingen zijn dan niet toegestaan, ook al lijkt het rustig.

Let op: een groene pijl geeft vaak voorrang. Je hoeft in veel gevallen geen rekening te houden met tegemoetkomend verkeer of voetgangers, omdat die dan rood hebben.

Rechtsaf slaan bij verkeerslichten

Rechtsaf slaan is een onderwerp waar veel theorievragen over worden gesteld. De regels hangen af van het type verkeerslicht. Heb je een groen rond licht en sla je rechtsaf, dan moet je voorrang verlenen aan voetgangers en fietsers die groen hebben en rechtdoor gaan. Heb je een groene pijl naar rechts, dan mag je doorrijden zonder voorrang te verlenen. Andere verkeersdeelnemers hebben dan rood. Bij een stoplicht rood mag je nooit rechtsaf slaan, tenzij er een speciaal groen pijllicht of een onderbord is dat dit toestaat.

Werking verkeerslichten en slimme systemen

De werking van verkeerslichten is tegenwoordig vaak slim geregeld. Veel verkeerslichten werken met detectielussen in het wegdek of met camera’s. Zo kan het systeem zien of er verkeer aankomt en hoe lang het licht groen blijft.

Voor het theorie-examen hoef je geen technische details te kennen, maar wel dit: verkeerslichten kunnen zich aanpassen aan de verkeerssituatie. Dat betekent dat de volgorde soms anders is dan je verwacht, maar de betekenis van de lichten blijft altijd hetzelfde.

Voetgangerslichten en fietslichten

Voetgangerslichten herken je aan het rode en groene mannetje. Bij een groen mannetje mogen voetgangers oversteken. Als automobilist moet je hier rekening mee houden, vooral bij groen licht zonder pijl.

Fietslichten werken vaak hetzelfde als gewone verkeerslichten, maar zijn speciaal bedoeld voor fietsers. Ze kunnen apart geregeld zijn, wat betekent dat jij als automobilist soms moet wachten, ook al heb je zelf groen.

Spoorwegovergang lichten

Bij een spoorwegovergang kom je andere verkeerslichten tegen dan op kruispunten. Deze lichten zijn extra belangrijk voor je theorie-examen. Knipperende rode lichten bij een spoorwegovergang betekenen altijd stoppen. Dit geldt ook als de spoorbomen nog open zijn of als je nog geen trein ziet. Het negeren van deze lichten is extreem gevaarlijk en fout op het examen. Witte knipperlichten, als ze aanwezig zijn, betekenen dat je mag doorrijden. Zie je geen wit licht, dan moet je extra alert zijn.

Rijstrooklichten boven snelwegen en autowegen

Boven snelwegen zie je vaak rijstrooklichten. Deze geven per rijstrook aan wat je moet doen. Een groene pijl omlaag betekent dat je de rijstrook mag gebruiken. Een rood kruis betekent dat de rijstrook gesloten is en je deze niet mag gebruiken. Een witte pijl schuin naar links of rechts betekent dat je moet invoegen naar de aangegeven richting. Tijdens het theorie-examen wordt hier vaak gevraagd welke rijstrook je mag gebruiken en hoe je moet reageren op deze signalen.

Rode knipperlichten en waarschuwingslichten

Rode knipperlichten hebben altijd een waarschuwende functie. Je komt ze tegen bij spoorwegovergangen, bruggen en soms bij gevaarlijke situaties. Rood knipperlicht betekent stoppen, ook als er geen stopstreep is. Zie je twee afwisselend knipperende rode lichten, dan is dat een extra sterke waarschuwing en moet je altijd stoppen.

Veelgemaakte fouten bij verkeerslichten op het theorie-examen

Veel kandidaten maken fouten doordat ze te snel denken. Ze zien groen en rijden door, zonder te kijken naar pijlen of andere verkeersdeelnemers. Of ze denken dat stoplicht oranje een uitnodiging is om gas bij te geven.

Bij Theorie Toppers zeggen we altijd: kijk rustig, lees de situatie en volg precies wat het verkeerslicht aangeeft. Dat is niet alleen goed voor je examen, maar ook voor later op de weg. Leren voor het auto theorie-examen

Samenvatting: dit moet je onthouden

  • Verkeerslichten regelen het verkeer en gaan boven andere regels.

  • Stoplicht rood betekent altijd stoppen.

  • Stoplicht oranje betekent stoppen, tenzij dat echt niet veilig kan.

  • Stoplicht groen betekent doorrijden, maar met opletten.

  • Pijlen gelden alleen voor de richting die ze aangeven.

  • Rechtsaf slaan heeft extra regels, vooral bij rond groen licht.

  • Spoorwegovergang lichten en rijstrooklichten zijn vaste examenonderdelen.

Begrijp je de werking van verkeerslichten goed, dan heb je een grote voorsprong bij het theorie-examen auto. Bij ons kun je gratis voor het auto theorie-examen oefenen.

Meer leren over de werking van verkeerslichten?

De werking van verkeerslichten is een vast onderdeel van het theorie-examen auto. Wil je hier geen fouten op maken? Bekijk dan ook onze andere artikelen of start direct met onze online videocursus. Zo leer je verkeerssituaties beter inschatten, herken je valkuilen in examenvragen en ga je goed voorbereid en met vertrouwen het theorie-examen in.

Lees ook onze blog over voorrangregels, zodat je verkeerssituaties nog beter begrijpt en weet wie wanneer voorrang heeft bij kruispunten en bijzondere situaties.

Slaag ook in 1 keer voor je auto theorie!

Alle vragen en antwoorden die het jou makkelijk maken.

Bestel het Deluxe pakket
Meest gekozen

Auto Deluxe

64,99€32,49
31 dagen toegang
10 Oefenexamens
  • Hoge kwaliteit uitlegvideo's
  • Inzicht in je fouten
  • Overzicht Verkeersbegrippen
  • Overzicht Verkeersborden

Auto Premium

€54,99
21 dagen toegang
7 Oefenexamens
  • Hoge kwaliteit uitlegvideo's
  • Inzicht in je fouten
  • Overzicht Verkeersbegrippen
  • Overzicht Verkeersborden

Auto Lite

€44,99
7 dagen toegang
5 Oefenexamens
  • Hoge kwaliteit uitlegvideo's
  • Inzicht in je fouten
  • Overzicht Verkeersbegrippen
  • Overzicht Verkeersborden